
Wasmiddel en wasverzachter doseren
Uw nieuwe apparaat is ontworpen om te besparen op het verbruik van water, energie en
wasmiddel.
1. Trek de wasmiddellade zo ver mogelijk
naar buiten. Meet de vereiste hoeveelheid
wasmiddel af, giet het in het vak voor de
hoofdwas
. Als u een programma wilt
uitvoeren met de voorwasfase of de
vlekkenfunctie wilt gebruiken, dient u het
wasmiddel in het vak
te gieten.
2. Giet, indien gewenst, wasverzachter in het
vakje
(de gebruikte hoeveelheid mag
de markering MAX in de lade niet over-
schrijden). Schuif de wasmiddellade er
weer voorzichtig in.
Kies het gewenste programma met de programmakeuzeknop (1)
U kunt het juiste programma voor elke soort wasgoed kiezen door de aanwijzingen in de
programmatabellen op te volgen (zie "Wasprogramma's").
Draai de programmakeuzeknop op het gewenste programma. Met de programmakeuzeknop
bepaalt u het soort wascyclus (bijv. waterpeil, beweging van de trommel, aantal spoelgan-
gen) en de wastemperatuur afhankelijk van het soort wasgoed.
Het controlelampje van toets 5 gaat knipperen.
De programmakeuzeknop kan met de klok mee of tegen de klok in worden gedraaid. Stand
om het programma te resetten/ De machine uit te schakelen.
Aan het einde van het programma moet de keuzeknop op stand
gedraaid wor-
den, om de machine uit te schakelen.
Wanneer u de programmakeuzeknop naar een ander programma draait wanneer de machi-
ne in bedrijf is, zal het gele controlelampje van toets 5 driemaal knipperen om een onjuiste
keuze aan te geven. De machine zal het nieuw gekozen programma niet uitvoeren.
8 Dagelijks gebruik
Commenti su questo manuale